Vereerd als een halve heilige
De ongetrouwde, vrome Joanna van Randenraedt werd bezield door goddelijke inspiratie, dacht men. Al tijdens haar leven vereerde het volk haar als een halve heilige. Hoe kwam ze aan die reputatie?
Stadsbrand van 1665
Op 31 mei 1665 werd Roermond getroffen door een verwoestende stadsbrand. Driekwart van de gebouwen brandde af of raakte beschadigd. Veel mensen vluchtten de stad uit, naar de Kapel in ’t Zand en dorpen in de omgeving. Drie dagen woedde het vuur in de stad. Joanna stond bekend om de visioenen die ze had. Ook nu kreeg ze weer een visioen, zo wil het verhaal: ze moest een houten Mariabeeldje uit de minderbroederskerk in het vuur gooien. Dat deed ze; het beeldje verbrandde niet en het vuur doofde. De grote stadsbrand was voorbij.
Later zou het houten beeldje in een omlijsting zijn ingemetseld op de straathoek waar Joanna het beeldje in het vuur geworpen had. Maar rond dit beeldje bestaat wel wat onduidelijkheid. Het beeldje dat nu op die hoek te zien is, is een replica van het Mariabeeld van de vroegere Sint-Barbaraput. Het originele stenen (!) putbeeld bevindt zich in de collectie van het Historiehuis. Over een houten (!) beeld uit het bezit van de familie Van der Grinten werden twee strijdige verhalen verteld: dit beeldje zou door Joanna van Randenraedt, die immers de straatkapelletjes in de stad verzorgde, in 1638 in een omlijsting zijn geplaatst, óf dit zou het beeldje uit de minderbroederskerk zijn waarmee Joanna in 1665 stadsbrand had gedoofd. Als het verhaal over het doven van de stadsbrand al waar is, dan is het dus nog de vraag welk Mariabeeld ze in het vuur heeft gegooid.
Graf verplaatst
Toen Joanna in 1684 overleed, werd zij na een drukbezochte uitvaartmis bijgezet in de kerk van de jezuïeten. Zes jaar na haar dood verscheen in Antwerpen haar biografie, geschreven door pater jezuïet Daniël Huysmans, haar geestelijk leidsman. Nog eeuwenlang werden er over haar in Roermond wonderverhalen verteld en werd ze door het volk vereerd als een halve heilige. Toen de jezuïetenkerk in 1777 werd kerk afgebroken, vond de toenmalige bisschop dat Joanna’s graf bewaard moest blijven. Hij gaf opdracht voor een herbegrafenis in de Sint-Christoffelkathedraal. Daar is haar grafsteen nog steeds te zien. In 1884, tweehonderd jaar na haar dood, liet de familie Van Aefferden bij dit graf bovendien een neogotisch grafmonument aanbrengen.
Tot een officiële zalig- of heiligverklaring van Joanna van Randenraedt is het nooit gekomen.