Het Roermonds Volkslied
Op 15 december 1912 ging het Roermonds Volkslied in première. Het lied wordt nog veel gezongen. De eerste twee coupletten dan. Het derde couplet is minder populair, en dat heeft een bijzondere reden.
Niet veel steden hebben een eigen volkslied, Roermond wel. In 1839 was Limburg van België losgemaakt en bij Nederland gevoegd. Tegen de zin van de bevolking! Jarenlang was Limburg, en vooral Roermond, een broeinest van anti-Nederlandse pamfletten, demonstraties en relletjes. Pas rond 1900 legden de mensen zich min of meer neer bij de feiten: ze waren nu eenmaal Nederlands geworden en dat zou wel zo blijven. Tegelijk ontwikkelde zich het Limburg-gevoel: wij Limburgers hebben een eigen taal, eigen gewoontes en staan anders in het leven dan de rest van de Nederlanders. Tegen die achtergrond ontstond het Roermonds Volkslied.
Tijssen en Van Beurden
De originele bladmuziek van het Roermonds Volkslied, genoteerd door dirigent Henri Tijssen van het Roermonds Mannenkoor, is te zien in het Historiehuis. Hij schreef al meer van dat soort liederen. Drie jaar eerder was zijn Limburg, mijn vaderland voor het eerst uitgevoerd, met een tekst van Gerard Krekelberg (‘Waar in ’t bronsgroen eikenhout’). Dit lied zou in 1939 officieel worden verheven tot het Limburgs volkslied. Ook schreef Tijssen het volkslied van Buggenum, Buggenum in het groen gelegen, op een tekst van de plaatselijke onderwijzer Pijls. In 1911 componeerde Tijssen Schetsen uit Roermonds verleden, een zangspel voor koor en solisten. Deze keer schakelde hij de amateur-historicus Alexander van Beurden in als tekstschrijver. Het stuk ging over de verwoestende stadsbrand van 1665 en bestond uit drie delen: ‘Roermond in vreugde’, ‘Roermond in rouw’ en ‘Roermond in jubel’ (over de herrijzenis van de stad na de brand). Het taalgebruik was gezwollen en hoogdravend, echt volkslied-achtig: ‘En na eeuwen stadig streven staat de stad nog immer pal: Roermonds heil dat blijve leven, blijf zijn glorie bovenal! Heil, Roermond, heil!’ Na de Schetsen had het duo Tijssen-Van Beurden de smaak kennelijk te pakken, want een jaar later volgde het Roermonds Volkslied.
Première
Je zou verwachten dat Tijssen als dirigent van het Roermonds Mannenkoor zijn nieuwe compositie ook met zijn eigen koor zou uitvoeren. Maar dat liep anders. Het Roermonds Volkslied beleefde zijn première in een uitvoering door het kathedrale kerkkoor onder leiding van Tijssens vriend Elbert Franssen. Dat gebeurde op 15 december 1912 tijdens een Propaganda-Feestavond van de Diocesane Vereeniging tot Verbetering van den Volkszang in Limburg. Deze vereniging was door het bisdom opgericht, vermoedelijk met het achterliggende doel om het muzikale niveau en het aantal leden van de kerkkoren in Limburg te bevorderen.