Een Joodse familie als veel andere
De Joodse gemeenschap in Roermond groeide vóór de oorlog sterk door Duitse vluchtelingen. Slechts een kwart van de Roermondse Joden overleefde de oorlog. Van de familie Sternfeld zelfs nog minder.
In 1914 kwam Alex Sternfeld, geboren in Brummen, in Roermond wonen. Voor de liefde: een dikke maand later trouwde hij met Rosalie Egger. Haar familie had een winkel in ‘manskleêren’, die sinds 1887 aan de Marktstraat gevestigd was. Alex kwam ook in de zaak; hij en Rosalie zouden het bedrijf later overnemen.
Ze kregen drie zonen: Jo, Albert en Leo. Jo vertrok in 1937 naar Amsterdam. Albert ging na de HBS in Rotterdam economie studeren. Leo werd autotechnicus en woonde nog bij zijn ouders.
De Shoah
Tijdens de bezetting voltrok de Jodenvervolging zich stap voor stap. Zoon Albert werd op 9 augustus 1942 opgepakt in Rotterdam. Bij aankomst in Auschwitz werd hij op de vlucht doodgeschoten. De Roermondse Joden werd in drie groepen gedeporteerd: op 25 augustus 1942, op 10 en 11 november 1942 en op 9 april 1943. Bij de eerste deportatie werd Leo opgeroepen. Hij meldde zich, verrichte in Westerbork ruim een jaar dwangarbeid en bezweek op 1 maart 1944 in het dwangarbeiderskamp Monowitz bij Auschwitz. Vader Alex werd voor de tweede deportatie opgeroepen. Na een half jaar in Westerbork werd hij in mei 1943 op transport gezet naar Sobibor. Daar werd hij direct bij aankomst vermoord. Moeder Rosalie ontkwam aan de derde deportatie omdat ze ‘ziek’ was en dook onder. Het winkel-woonhuis aan de Luifelstraat werd intussen toegewezen aan een Duitser. Bij hem werden minstens drie keer ruiten ingegooid ‘om politieke redenen’, zoals de Roermondse burgemeester rapporteerde. In februari 1944 werd Rosalie in Heerlen verraden en gearresteerd. Op 6 maart 1944 is ze in Auschwitz vermoord. Haar broer Cesar en haar moeder, de weduwe Selma Egger-Keijzer, waren vóór de oorlog verhuisd naar Alkmaar en Amsterdam. Ook zij overleefden de vernietigingskampen niet.
Alleen de oudste zoon Jo overleefde. Hij dook op tijd onder, werd actief in het verzet en ontsnapte in 1944 naar Engeland.