Geboren

19 augustus 1903 Roermond

Gedeporteerd

  • december 1943 naar Saint-Gilles (B)
  • 8 februari 1945 van Groß-Strehlitz naar Groß-Rosen
  • 9 februari 1945 van Groß-Rosen naar Mittelbau-Dora

Vermoord

28 februari 1945 Mittelbau-Dora (D)

Adres

Steegstraat 11, Roermond
19 oktober 1940 verhuisd naar Heythuysen

Familie

Zoon van Emile Leviticus en Rachel Compris, broer van René Leviticus

Armand Noé Leviticus, zoon van Emile Leviticus (1865-1927) en Rachel Compris (1865-1942), was een katholiek gedoopte Jood. Hij woonde aan de Dorpstraat 67 te Heythuysen en had een bedrijf in Roermond, waar hij ook actief lid was van hockeyvereniging Concordia. In mei 1942 trachtte hij, samen met vijf neergehaalde Britse piloten, via België, Frankrijk en Spanje, Engeland te bereiken. In de omgeving van Parijs werd hij echter gearresteerd. Hij hield zijn Joodse identiteit verborgen. De aanwezigheid van de Engelsen laadde de verdenking op hem dat hij een spion was voor Groot-Brittannië. Als politiek gevangene kwam hij terecht in een reeks concentratiekampen: Groß-Strehlitz, Groß-Rosen en tenslotte in het kamp Mittelbau-Dora bij Nordhausen, waar in onderaardse tunnels V2-raketten werden geassembleerd. Daar overleed hij aan uitputting in februari 1945. Moeder Rachel Compris werd in 1942 in Auschwitz vermoord. Vader Emile Leviticus is begraven op de nieuwe joodse begraafplaats op het Oude Kerkhof te Roermond. Een aparte steen op zijn graf herinnert aan hun twee zonen Armand en René. René Leviticus was arts en week tijdens de Duitse bezetting reeds in 1940 uit naar de Verenigde Staten, waar hij in 1942 zijn Amerikaanse artsendiploma haalde. Hij nam als militair arts dienst in het Amerikaanse leger en landde op 6 juni 1944 (D-Day) in Normandië. Na de oorlog keerde hij terug naar de Verenigde Staten, specialiseerde zich in dermatologie en werd huidarts en assistent-hoogleraar in New York, waar hij in 1969 overleed en werd begraven. Op de steen op het graf van zijn vader staan de woorden die kenmerkend waren voor zijn leven: ‘Dierbaar-Dapper’.

René Leviticus, Armand Noé Leviticus, ca. 1910
Armand Noé Leviticus (1903-1943, rechts) en zijn broer René Leviticus (1899-1969) omstreeks 1910.
Hockeyclub Concordia met Armand René Leviticus
Armand Noé Leviticus, tweede van rechts op de voorste rij, bij Hockeyclub Concordia.

Links

Literatuur

  • Hein van der Bruggen, ‘De ondergang van joods Roermond 1940-1945’, Spiegel van Roermond 14 (2006), p. 20-51
  • Herman van Rens, Vervolgd in Limburg. Joden en Sinti in Nederlands-Limburg tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maaslandse Monografieën 76 (Hilversum 2013), p. 252
  • John Vaessen, ‘Dood, maar niet vergeten’. Graven en grafkelders op ‘den Aje Kirkhaof’ te Roermond (Roermond 2019), p. 295-296
  • Hein van der Bruggen, Aspecten van Joods Leven in Roermond en Midden-Limburg 1275-2018 (Hilversum 2021), p. 158, 189-190, 212, 253-254, 257 (noot), 275, 278